Zorgt de mest van grazers ervoor dat er in een natuurgebied té voedselrijke grond ontstaat?

Plaatselijk wel, denk maar aan de latrines van paarden en aan geliefkoosde rustplekken van de runderen, waar relatief veel mest bij elkaar ligt. Omdat er bij natuurlijke begrazing niet wordt bijgevoerd of bemest, vindt er alleen verplaatsing van voedingsstoffen binnen het gebied plaats. Als zich op de ene plek mest ophoopt, leidt dit op andere plekken tot verschraling. Zo ontstaan er gevarieerde patronen of mozaïeken van voedselarme en voedselrijke plekken.