Braam goed gegeten slecht gesnoeid

Ma. 5 – 01 - 2015

Nu de laatste groene gewassen verdwijnen stappen de grote grazer definitief over op de winter voedselvoorraden. En groene voedselbron blijft aanwezig, de braam. De bladeren van de braam gaan smaakvol naar binnen. De stengels met dikke stevig doornen worden gespaard. Zo kan de braam nog steeds zijn rol als bosvoorbereider vervullen. Hiervoor is hij wel afhankelijk van het stikstof.

De winter is de periode waarin de grote grazers het landschap vormen. Ze eten nu van bomen en struiken; door takken, knoppen en bladeren te eten snoeien ze het struweel, bastvraat zorgt ervoor dat bomen en struiken afsterven. Sommige struweelsoorten hebben hier een oplossingen tegen gevonden; het vormen van dikke doorns. Zo ook de braam. Hiermee biedt hij een beschermend milieu voor tal van andere boom- en struiksoorten.

Toch wordt de braam in de winter volop gegeten. Behendig trekken de runderen met hun tong de bladeren van de braam. Aangezien de braam het gehele jaar groen blijft, zitten hier nog relatief veel voedingstoffen in. Van de stengels blijven de grazers liever af. Aan het einde van de winter zie je veel braamstruwelen met alleen bovenop in het midden nog volop blad. De zijkanten zijn open en bestaan dan uit een dicht netwerk aan stengels.

Om zijn rol als bosvoorbereider goed te vervullen dient de braam een dicht netwerk aan stengels te creren, dicht genoeg zodat de grote grazers hier niet even doorheen lopen. Op stikstof rijke bodems weet de braam dit snel voor mekaar te krijgen. Waar stikstof minder aanwezig is en op armere bodems kan de braam best groeien, maar weet hier niet het dichte netwerk aan stengels te creren. Doordat de grote grazers hier door het struweel heen blijven banjeren opzoek naar braamblad, vervalt hier zijn beschermende werking.