Wilde kat

De wilde kat is de tweede kattensoort van ons land. Net iets groter als de gemiddelde huiskat leeft hij van kleine knaagdieren en vogels, soms ook hagedissen of grote kevers. Het is een explosief dier dat zij prooi besluipt of in hinderlaag op hem wacht. Na vele eeuwen van afwezigheid is de wilde kat weer met zekerheid in Nederland aangetroffen. Door onderzoekers in Limburg en Brabant zijn de laatste jaren verschillende waarnemingen gemeld.

Wilde katten kwamen tot in de Romeinse tijd in Nederland voor. Daarna zijn ze geleidelijk verdwenen als gevolg van ontbossing, klimaatsverandering en vervolging. Hoe snel dit proces verliep is onduidelijk, omdat met de Romeinen ook de huiskat zijn intrede deed.

De wilde kat is een schuw dier dat solitair of in paren leeft. De kat blijft doorgaans trouw aan één partner maar brengt veel tijd alleen door. Het is een echt nacht- en schemeringdier. Heel soms, op zonnige dagen in de herfst en winter, jaagt hij ook overdag.